Ze durfde zichzelf niet meer aan te raken.

“Maar ik raak mijn litteken niet aan. Ik negeer het eigenlijk.”

Ze zei het rustig. Bijna terloops. Alsof het de gewoonste zaak van de wereld was.

Ik vroeg haar: “Kijk je er wel naar?”

“Nou, ik moet iedere maand even kijken of het hetzelfde is gebleven, van mijn oedeemtherapeut. Dat doe ik ook.”

“Wat zie je dan?”

“Dat het litteken er zit. En dan voel ik dat het naar voelt. En dan ga ik weer iets anders doen. Ik kijk wel even, maar probeer niet te zien. Zoiets.”

Ik kijk wel even, maar probeer niet te zien.

Wat een eerlijke zin. En wat een zware last om mee te leven.

 

Ze is niet de eerste. En ze is zeker niet de enige vrouw die dit zegt na een borstamputatie

Bijna elke vrouw die ik begeleid na een borstkankertraject heeft op haar eigen manier een relatie met haar litteken die ergens vastloopt. De een kijkt niet. De ander kijkt wel maar voelt niets. De ander voelt te veel en trekt zich snel terug.

En de vrouwen die er minder moeite mee hebben? Die hebben er bijna altijd tijd voor nodig gehad. Soms veel tijd.

Tijd om een soort vrede te vinden. Om ernaar te kunnen kijken zonder angst. Zonder schaamte. Zonder schuldgevoel.

Dat gaat niet vanzelf. En het gaat zeker niet snel.

Wat er onder dat vermijden zit is niet zwakte. Het is bescherming.

Het lichaam heeft iets ingrijpends meegemaakt. Er is iets veranderd wat niet meer terugkomt. En dat litteken is elke dag zichtbaar bewijs van wat er is gebeurd.

Dus kijkt ze wel. Maar probeert ze niet te zien.

Dat is geen ontkenning. Dat is overleven op de manier die op dit moment het minste kost.

En dat verdient respect.

 

Maar er is een moment waarop dat vermijden zelf iets gaat kosten.

Niet omdat het litteken aandacht eist. Maar omdat het deel is van haar lichaam. Van haar. En zolang ze dat deel buitensluit, houdt ze ook een deel van zichzelf op afstand.

Dat voelt ze. Ook al benoemt ze het niet altijd zo.

Ik vroeg haar niet om haar litteken aan te raken. Niet om ernaar te kijken totdat het makkelijker werd. Niet om er vrede mee te hebben.

Dat is te groot. Te ver weg.

Ik gebruik wel eens het beeld van een aardbeving.

Er is een epicentrum. De plek waar het het zwaarst was. Maar voordat we daar naartoe kunnen, moeten we eerst de weg eromheen vrijbanen.

Dus beginnen we niet bij het litteken zelf. We beginnen in de omgeving. Voelen wat er is in het gebied daaromheen. Zachter. Iets verder weg. Waar er al iets meer ruimte is.

En wat er dan bijna altijd gebeurt is dit.

Er komt rust. Er komt ruimte. Nog voordat we bij het epicentrum zijn aangekomen.

Niet omdat we het probleem hebben opgelost. Maar omdat het lichaam voelt dat het niet meer alleen hoeft te dragen.

Ze voelde het ook. En er kwamen tranen. Niet van verdriet alleen. Ook van iets wat leek op opluchting.

“Ik wist niet dat ik er zo lang omheen had gelopen.”

 

Want dat is uiteindelijk waar het om gaat om je beter te voelen

Niet het litteken. Niet de pijn eromheen. Maar de verbinding met jezelf die eronder ligt.

Zolang je een deel van je lichaam buitensluit, sluit je ook een deel van jezelf buiten. En dat kost meer dan je denkt. Elke dag een beetje.

Maar als je die verbinding weer aangaat, ook voorzichtig, ook met kleine stapjes, gebeurt er iets wat moeilijk te beschrijven is.

Je voelt jezelf weer heel.

Niet heel omdat alles goed is. Niet heel omdat de pijn weg is. Maar heel omdat je er allemaal bij bent. Bij wat er is. Ook bij wat pijn doet.

En dat is een stevigheid die van binnenuit komt. Die niet afhankelijk is van wat er buiten gebeurt. Die je draagt ook als het zwaar is.

Dat is wat ik zie gebeuren als vrouwen de weg terug naar zichzelf vinden.

Ze worden niet sterker omdat de pijn minder wordt. Ze worden sterker omdat ze de pijn kunnen dragen zonder zichzelf te verliezen.

Herken jij dit? Die afstand tot een deel van je eigen lichaam?

Je hoeft er niet klaar voor te zijn. Je hoeft het niet mooi te vinden. Je hoeft alleen bereid te zijn om in de buurt te komen.

De gratis geleide oefening Ruimte maken is een eerste stap in die richting. Twintig minuten. Zonder forceren. Zonder haast.

Je vindt hem op delichaamstolk.nl. Of stuur me een bericht als je vragen hebt of als je hierbij wat hulp kunt gebruiken.

Heel voelen begint niet als de pijn weggaat. Het begint als je de pijn kunt dragen zonder jezelf te verliezen.